GSbrder Ja, mogelijk wel. Maar dat versterkt het punt alleen maar dat de Nederlandse overheid eigenlijk geen grootschalige projecten meer aankan. Nederland is op.
Centraal beurs- en economietopic deel 2
Dwersdriever Nederland is op klinkt een beetje alsof het inherent is aan de aard en omvang van de maatschappij. Terwijl de huidige onmacht van de overheid m.i. toch vooral een gevolg is van jarenlange bezuinigingen op het overheidsapparaat en een volledig misplaatste visie dat ambtenaren geen kennis van de inhoud hoeven te hebben maar vooral regie moeten houden op het proces en diensten moet inkopen op de vrije markt.
Dan krijg je de situatie dat Rijkswaterstaat niet weet dat het op de Afsluitdijk vaker stormt vanuit het IJsselmeer dan vanuit de Waddenzee...
Sloggi Ja, de podcast van Maarten van Rossem gaat daar ook regelmatig over. Er zijn eigenijk amper nog overheidsdiensten in Nederland die echt goed functioneren. Daarmee gaat het land niet direct naar de filistijnen, maar zorgwekkend is het wel.
De recente rapporten over de beveiliging in het Marengo-proces, het toeslagenschandaal en de situatie in Groningen zijn slechts drie voorbeelden. En de Belastingdienst die oud-medewerkers moet inhuren omdat die als enige nog een beetje weten hoe de systemen werken.
Mijn punt is, dat je voor structurele verbeteringen een deskundige en slagvaardige overheid nodig hebt met werkbare regelgeving. Nu zit alles eigenlijk muurvast en is doormodderen zo'n beetje de enige optie. Of heel veel geld tegen een probleem aangooien en hopen dat het wat oplevert.
GSbrder Dat hangt samen met een ander probleem, namelijk de wildgroei aan generalistische beleidsambtenaren. Bij de overheid en meer specifiek het rijk werken steeds minder mensen die specifieke kennis hebben en ook echt iets kunnen anders dan mooie stukken schrijven en lekker politiek sensitief zijn.
Het percentage specialistische vacatures is sinds 2015 van 29% naar 11% gedaald...
Waar haal je die 20% trouwens vandaan?
Dwersdriever De enige manier om heel veel geld tegen een probleem aan te gooien, is andere problemen negeren. En we zitten weer terug in het systeem van schandaal tot schandaal; je kunt best een kwakkelende dienst een tijdje in de lucht houden, maar op een gegeven moment begint het om aandacht te schreeuwen in plaats van vragen.
Overduidelijk is ook wel dat het geen gebrek aan overheidsuitgaven zijn, of een gebrek aan goede wil, maar dat je met een steeds technischer, specialistischer, gesegmenteerder en 'vaster' systeem bent komen te zitten. De verwachtingen van de burgers stijgen hard mee, de bereidheid ervoor te betalen neemt af, maar we doen alsof 'te weinig geld', of 'ideologie' de opgebouwde achterstanden hebben veroorzaakt en een nieuwe regering met nieuwe verwachtingen dit wel weer kan wegpoetsen. Ik betwijfel of we nou echt zoveel gezien hebben van het vermeende neoliberalisme dat met een tegenkracht wel weer te compenseren is.
GSbrder Klinkt een beetje alsof het kapitalisme het enige model is dat je je voor kunt stellen. Terwijl de geschiedenis aantoont dat er ook andere modellen zijn.
En nu kom jij met die middeleeuwers die ontzettend arm waren, maar de vraag is of dat per definitie ook zo is in een nieuw economisch model in de 21ste eeuw.
Energie, afvalwarmte en exponentiële groei
Begin dit jaar schreef ik hier dat oneindige exponentiële groei niet bestaat. En dat dat dus ook voor de economie een illusie is. Dat volgt uit basale rekenkundige logica. Vroeg of laat botst een exponentieel groeiend systeem op zijn grenzen. Een artikel van de Amerikaanse natuurkundige Thomas W. Murphy jr in Nature Physics bevat enkele mooi uitgewerkte rekenvoorbeelden die dat illustreren. Dat artikel is afgelopen zomer al gepubliceerd, maar trok pas recent de aandacht. De eerste gedachten van Murphy hierover gaan nog verder terug. Hij beschreef ze in 2011 al op zijn eigen blog. Omdat het meest in het oog springende rekenvoorbeeld over klimaat en energie gaat, leek het me de moeite waard om er hier aandacht aan te besteden.
Op dit moment bedraagt ons wereldwijde energieverbruik maar een fractie van wat we van de zon ontvangen. Ongeveer een honderdste van een procent. In theorie zou onze hele economie dus best op duurzame energie kunnen draaien, die (direct of indirect, via bijvoorbeeld wind of biomassa) door de zon wordt geleverd. Maar als ons energieverbruik blijft stijgen in het tempo van de afgelopen eeuw, met zo’n 2 tot 3 procent per jaar, lukt dat niet zo heel erg lang. Voor het gemak rekent Murphy met een groeipercentage van 2,3; dat komt neer op een vertienvoudiging per eeuw. Met dat groeitempo zouden we over 400 jaar evenveel energie gebruiken als de zon levert. Het zal duidelijk zijn dat de grens van wat we aan zonne-energie kunnen oogsten veel eerder wordt bereikt.
Maar misschien zijn er andere opties. Kernfusie bijvoorbeeld, of aardwarmte. Ook dat kan niet eindeloos goed gaan. Uiteindelijk komt vrijwel alle energie die we gebruiken – om ons te verplaatsen, om te verwarmen of te koelen, om te verlichten, om te mailen of te youtuben of te gamen – vrij als afvalwarmte. Volgens de wet van behoud van energie kan energie immers niet in het niets verdwijnen. Die afvalwarmte belandt op talloze manieren in de lucht: uit koeltorens van energiecentrales en radiatoren van auto’s, via wrijving van banden op de weg en remmen op wielen, door elektrische apparatuur die een beetje warm of bloedheet wordt bij gebruik, door geluid uit speakers dat wordt geabsorbeerd door op elkaar botsende luchtmoleculen, enzovoort. Op dit moment is de hoeveelheid afvalwarmte beperkt. Het is ongeveer 10 procent van het stralingsonevenwicht in het klimaat ten gevolge van menselijke invloed. De bijdrage aan de opwarming is aanzienlijk kleiner. (Het stralingsonevenwicht moet namelijk niet worden verward met het begrip stralingsforcering. Stralingsforcering is een theoretisch begrip. De stralingsforcering van het versterkte broeikaseffect is het verschil tussen in- en uitgaande straling aan de top van de atmosfeer dat er zou zijn als de temperatuur niet gestegen zou zijn sinds het begin van de industriële revolutie. In werkelijkheid is die temperatuur natuurlijk wel gestegen. Volgens het laatste IPCC-rapport is de stralingsforcering door menselijk invloed ongeveer 2,7 W/m2, terwijl de stralingsonbalans zo’n 1 W/m2 bedraagt.) Maar natuurlijk zou het er helemaal anders uitzien wanneer we op aarde net zoveel energie zouden produceren als we van de zon ontvangen. De temperatuur van het aardoppervlak zou in dat geval het kookpunt van water kunnen bereiken, 100 °C. Natuurlijk zou het ook hier al helemaal mislopen ver voordat dat punt wordt bereikt.
De conclusie is dus dat economische groei op termijn helemaal ontkoppeld zou moeten worden van energieverbruik. Dat zou nog wel eens een stuk lastiger kunnen zijn dan het ontkoppelen van de economie met de uitstoot van broeikasgassen. Bovendien leidt de aanname van oneindige, volledig ontkoppelde groei op lange termijn ook tot merkwaardige resultaten. Stel dat de economie op een bepaald moment voor 50% is gebaseerd op fysieke hulpbronnen (energie, landbouw, grondstoffen, milieubelasting) en voor 50% niet (onderwijs, zorg, dienstverlening). In een volledig ontkoppelde economie zou alleen het niet-fysieke deel kunnen groeien. Bij een groeipercentage van 2,3 per jaar zou het fysieke deel na een eeuw nog maar 5 procent van de economie uitmaken. En na nog een eeuw nog maar een half procent. Nog wat eeuwen later zou het een verwaarloosbaar deel van de economie zijn, met minder waarde dan het inkomen van een modale burger. Het is moeilijk voorstelbaar dat dit ooit realiteit zal worden.
Natuurlijk zijn dit hele ruwe berekeningen, die absoluut niet zijn bedoeld als toekomstvoorspellling. Nuttig energiegebruik zou bijvoorbeeld ook nog aardig kunnen groeien door een toename van de efficiëntie. En in de landbouw zou groei mogelijk kunnen zijn door verbetering van de kwaliteit, zonder toename van het volume van de opbrengst. Maar uiteindelijk blijft de fysieke realiteit zijn grenzen stellen. De voorbeelden van Murphy illustreren hoe de aanname van doorgaande exponentiële groei op drijfzand rust. Zeker als die aanname met niet veel meer wordt onderbouwd dan het doortrekken van trends uit het verleden. Murphy merkt op dat de grondleggers van de economische wetenschap – zoals Adam Smith, Thomas Malthus, David Ricardo en John Stuart Mill – de groei uit hun tijd als iets tijdelijks zagen. Zij zagen land als de beperkende factor. Dat is natuurlijk onjuist gebleken, omdat er zich andere bronnen van groei aandienden, met fossiele brandstof als veruit de belangrijkste. Maar daarmee is niet gezegd dat er zich steeds weer zo’n nieuwe bron aandient wanneer we die nodig zouden hebben. De aanname dat dat zo zal zijn lijkt me weinig meer dan speculatie.
Zoals ik ook in mijn vorige stuk al schreef, betekent dit zeker niet dat er op een bepaald moment helemaal geen vooruitgang meer mogelijk is. Er zullen altijd mogelijkheden zijn voor innovaties, en voor voortschrijdend inzicht. Wie weet levert dat toch weer een bron van (tijdelijke) exponentiële groei. Of een ander soort groei. Maar we zouden ook na moeten denken over een plan voor een wereld zonder groei. Eenvoudig zal dat niet zijn, omdat het economische systeem van de wereld helemaal ingericht is op doorgaande groei. Juist daarom kunnen we maar beter voorbereid zijn op de mogelijkheid dat het een keer stopt. Ook al weten we nog niet wanneer dat zal zijn.
- Edited
Sloggi Maar specialistische ambtenaren hebben een ander probleem; je kunt namelijk wel een rijksingenieur voor de Afsluitdijk aannemen die als enige taak heeft te kakelen zodra het stormt op de Afsluitdijk, maar dat is z'n salaris ook niet waard. Er zijn een hoop overheden en bedrijven die specialisten in dienst hadden, maar als die specialisten niet meegroeien met de gevraagde dienstverlening en hun kennis niet op peil houden, heb je minder aan een specialist dan een generalist.
Die 20.000:
Sloggi Het is geen stroman dat een hoop organisaties (waaronder overheden) liever generalisten aannemen die volgend jaar iets anders kunnen doen dan dit jaar, omdat je voor specialistisch werk een zekere kritieke massa aan werk moet kunnen garanderen. Een deel van de ambtenarij moet je dus vervangen door commerciële bureautjes, tenzij je zeker weet dat ze, zolang ze kunnen werken, altijd werk hebben (docenten, zorgverleners, agenten).
GSbrder Je doet net alsof een Rijkswaterstaat een organisatie is met de omvang van een kleine gemeentelijke organisatie. Er ligt genoeg infrastructuur en er zijn genoeg infraprojecten in Nederland om daar kundige ingenieurs aan het werk te houden die kunnen beoordelen wat er moet gebeuren binnen zo'n infraproject. Het is een ideologische keuze geweest, niet zozeer een inhoudelijke om die kennis extern te plaatsen.
Die taken reduceren tot het in huis hebben van een specialist Afsluitdijk die pas in actie komt als het hard begint te waaien is onzinnig.
Sloggi Hopelijk minder fysieke afhankelijkheid (ik verwacht geen daling van 50% naar 5%, maar wel directioneel correct) en hopelijk technologisch innovatief genoeg om enige interplanetaire voordelen te kunnen pakken. Aarde blijft nog wel een tijdje ons
Maar goed, de wereld zal tegen die tijd vooral Afrika (en een beetje Amerika) zijn, want Azië en Europa zijn in populatie en in groeicapaciteit gekrompen, dus dat gaat een daling van de investeringen opleveren en een exodus van productiviteit en welvaart.
- Edited
Sloggi Zijn al die infraprojecten en infrastructuur niet gebaseerd op economische groei? Anders zouden we geen kilometer weg meer aanleggen. Ik ben groot voorstander van het deels privatiseren zoals in de D&C of DBFMO. Ook onderhoud en ontwerp is in toenemende mate specialistisch werk. Ik durf wel te beheren dat Rijkswaterstaat meer planologisch tewerk moet gaan dan vroeger en dat de private partners grotere en complexere projecten moeten uitrollen.